Onmacht en eigenrichting (1)

Na een vakantieperiode zet ik me weer aan een blog, nog sterker, ik maak er meteen maar een serie van.
Dat heeft niet alleen te maken met een nieuwsgierigheid naar de ontwikkelingen in een samenleving waarin er steeds meer sprake lijkt van onmacht en eigenrichting van gefrustreerde burgers, boeren en buitenlui (zo noemden we dat vroeger) maar met persoonlijk ervaren gevoelens van onzekerheid en onveiligheid over het rechtsgehalte van het land waarin ik leef.
In dit land, waarin nog kort geleden hele families werden opgesplitst in vaxers en antivaxers hebben we nu te maken met boeren die het land plat leggen, distributiecentra en hoofdwegen blokkeren, ministers bedreigen, stedelingen die het gedrag niet begrijpen en veroordelen, en plattelanders die uit solidariteit hun vlag omgekeerd hangen.

Interessant is overigens dat ze één ding gemeen hebben: de joden worden ‘van stal’ gehaald zowel door antivaxers als de Farmers Defence Force.
Ze vergelijken hun slachtofferschap met dat van joden tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Curieus overigens dat ook politieagenten nogal eens worden uitgemaakt voor joden evenals Ajax(-supporters) naar wie de vreemdste vervloekingen sinds mensenheugenis werden geslingerd. Maar dit terzijde.*

In dit eerste deel wil ik onderzoeken wat de huidige ontwikkelingen richting steeds meer bedreigingen van politici en bestuurders en steeds meer aanslagen op de publieke ruimte betekenen.
Ik zal daarbij geen grote vragen schuwen zoals: In hoeverre erkennen we eigenlijk in dit land nog het geweldsmonopolie van de overheid en in het verlengde daarvan: In hoeverre staan we met zijn allen nog achter het veronderstelde ‘sociaal contract’ dat we als burgers van dit land impliciet gesloten hebben?

Wat is eigenrichting?
De klassieke opvatting is dat de burger op de stoel van de overheid gaat zitten en zich onttrekt aan het sociaal contract.
Frans Denkers, een van de eersten die daarover nadacht, formuleerde het aldus: “Een spontaan en relatief onmiddellijk optreden van particuliere burgers, buiten de politie en justitie om”. Maar hij beperkte dat tot optreden tegen een verdachte/dader van een strafbaar feit, waarvan ze direct slachtoffer of als omstander getuige zijn (1985).

In de interessante bijdrage van Kees van der Vijver ea in Cahiers Politiestudies, jaargang 2017-2 nr 43 (Discussie. Eigenrichting en rechtshandhaving door burgers. Een overzicht van dimensies, vormen en praktijken), geven ze aan dat het toestaan van eigenrichting door de rechter is verruimd sinds 1985, “De rechter lijkt er begrip voor te hebben dat de dreiging die van onveiligheid uitgaat niet altijd adequaat wordt opgepakt door de overheid, die er niet altijd in slaagt de zorgplicht voor veiligheid waar te maken”.
Want die zorgplicht heeft een overheid volgens het sociaal contract, waarbij het geweldsmonopolie* aan diezelfde overheid is gemandateerd.

Maar niet alleen de rechter heeft de mogelijkheden voor eigenrichting verruimd, de overheid doet zelf een toenemend beroep op de burger om zelfredzaam te zijn. Buurtwachten en WhatsApp-groepen worden  zeer gestimuleerd.
Daarbij zijn er naast de politie allerlei andere uitvoerders zoals buitengewone opsporingsambtenaren, handhavers, particuliere beveiligingsdiensten en vormen van vrijwillige politie gekomen.
Misschien is nog de belangrijkste ontwikkeling, die al door de visionaire Frans Denkers werd gesignaleerd dat mensen elkaar steeds minder zijn gaan aanspreken. Er is een cultuur ontstaan van non-interventie, wat betekent dat de overtreders vinden dat hun gedrag ‘dus’ kan worden gecontinueerd.
“We groeien naar een zogenaamde participatiesamenleving waarin de verantwoordelijkheden steeds verder worden verschoven naar de burger”. Van der Vijver cs noemen het risico van een botsing tussen culturen die kan ontaarden in een escalatieproces waarbij verschillende bevolkingsgroepen steeds haatdragender tegenover elkaar komen te staan.
“Mensen krijgen het gevoel dat hun omgeving onbeheersbaar wordt en dat leidt tot gevoelens van angst en onrust en tot verkramping en tot het gevoel dat de rechtsorde niet meer adequaat functioneert, wat vervolgens weer leidt tot nog minder optreden…”

Samengevat: Als de overheid niet meer garant kan staan voor de vrijheid en veiligheid van haar burgers en als bepaalde groepen de stelling hebben: onze normen eerst en zich dus weinig gelegen laten liggen aan de democratisch tot stand gekomen wettelijke regels, blijft er van het in een rechtsstaat noodzakelijke sociaal contract weinig over.

Frans Denkers heeft in zijn boek tien normen geformuleerd waarbij eigenrichting maatschappelijk aanvaardbaar kan zijn zoals: het moet proportioneel en subsidiair zijn, er mag geen sprake zijn van anonimiteit, of groepsgedrag, er mag geen sprake zijn van plaatsvervangende emoties, het moet een spiegelend karakter dragen, het moet gericht zijn op gedragsbeïnvloeding en/of conflictoplossing.
Het mag duidelijk zijn dat de boerenacties die erop gericht zijn democratisch gelegitimeerde politieke besluiten met geweld en bedreiging van personen en in de publieke ruimte onmogelijk te maken niet door Denkers zouden zijn betiteld als gelegitimeerde vorm van eigenrichting.

  • Terwijl het bij de antivaxers nog als aanstootgevend werd ervaren lijkt het erop of Mark van den Oever van Farmers Defence Force niets in de weg wordt gelegd om zijn uitspraken te blijven doen.
  • De overheid is de enige partij die het recht heeft om legitiem geweld te gebruiken en dwangmiddelen toe te passen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.